Historisch Genootschap Waddinxveen

Vertelbank 9: Het Weegje

Voorzijde

Linksboven

We zien hier de frontgevel van een boerderij die in 1903 is gebouwd door Jan van den Berg (Sluipwijk 1814 – Waddinxveen 1916). De locatie is gelegen aan de Koningin Wilhelminakade, tegenover de brug naar het Weegje.

Van den Berg was gehuwd met Adriana Verweij, het paar kreeg negen kinderen van wie zoon Jan Willem (1878-1950) naast zijn karig inkomen verdiend met boeren, ook nog bij de Spoorwegen werkte. Deze Jan Willem heeft de boerderij aan zijn drie zonen nagelaten van wie de ongehuwde zoon Jan (1923- 2017) de laatste gebruiker was. De locatie is aan de Wilhelminakade tegenover de brug naar het “Weegje”. Het land lag tussen de Wilhelminakade, de Gouwe en de verffabriek van Boonstoppel en besloeg slechts 3,5 ha, wat net voldoende was voor zo’n acht melkkoeien.

De stoep voor het huis ligt er nu nog en daar werden o.a. de melkspullen  gereinigd. Na het overlijden van Jan van den Berg in 2017 werd  huis en erf te koop gezet.

Middenboven

Hier toont Barend Rozendaal vol trots twee armdikke palingen. Hij was beroepsvisser en met zulke foto’s in de kantine van het Praathuis wist je je verzekerd van veel belangstelling  en animo van de sportvisserij. Een optimale marketingtruc.

Rechtsboven

Het Weegje – ook wel het Wijhe genoemd – is in de jaren twintig van de negentiende eeuw door vervening ontstaan. Er was in die tijd veel behoefte aan brandstof bij de Goudse brouwerijen en pottenbakkerijen. Ook de Goudse woningen moesten verwarmd worden..

Na het hout uit de geriefbosjes werd turf een veelgebruikte brandstof. Zo zijn door de turfwinning  in veenrijke gebieden heel veel diepe plassen ontstaan. Denk aan Waddinxveen!

De foto toont de winning waarbij de eerste veenlaag werd verwijderd door wegsteken. De diepere lagen veen werden vervolgens door baggeren  gewonnen. Dat was een heel karwei want het baggeren ging tot wel vijf meter diep, tot de kleilaag. Bij dat zgn. slagbaggeren haalde men het veen met een baggerbeugel naar boven, deponeerde dat in een boot en die bagger werd dan later met een hoosschop op een bed  te drogen gegooid. Als het enigszins ingedikt was, werd het door er met plankjes onder klompen of laarzen overheen te lopen vast gestampt. Als het stevig genoeg was ingedroogd kon je het snijden  zoals rechts op het beeld te zien is.

Rechtsachter zien we een veenwerkershuisje en het zeilscheepje van de turfschipper.

Veel locaties doen thans door hun naamgeving nog denken aan de veengebieden in onze omgeving, zoals bv. de Turfsingel in Gouda.

Rechtsonder

Voorbij de boerderij van Van den Berg stonden en staan  huisjes  waar achtereenvolgens  woonden:

De familie Van der Starre de parlevinker, Oskam, Snoek die een sleepbootje had om de houtvlotten van Alblas vanuit de Oude Gouwe naar de zagerij te slepen, Drost en Tiele.  Dan verder voorbij de tweede bocht staan twee tegen elkaar gebouwde huisjes op nummer 97 en 98 die in 1910 en 1913 zijn gebouwd. Hier woonde Verboom sr., nu zijn zoon  P. Verboom .

Het water van de Oude Gouwe stroomt  dan nog direct langs de Koningin Wilhelmimakade  maar, met de kanalisering van de Gouwe en de aanleg van de spoorlijn is dat  gedeeltelijk gedempt.

Schuin tegenover de nummers 97 en 98 stond de boerderij van de Waterstaat waarop de familie Zuidam heeft geboerd. Die boerderij was slechts bereikbaar via een dijk die aan de oostkant van de Ouwe Gouwe lag. Na de omlegging van de Gouwe werd de boerderij via de Wilhelminakade bereikbaar.

Nog even verderop stond  – waar nu de spoortunnel is – een Wipmolen die bij de aanleg van de spoorlijn in 1903 is afgebroken. De laatste molenaar was waarschijnlijk Gillis Eindhoven.

De woonboten die in de dode arm van de Gouwe liggen zijn daar pas na de Tweede Wereldoorlog gekomen. Omdat het gebied  een nogal afgelegen plek was werd het in de volksmond veelal aangeduid met De Kouwe Hoek en de  Wilhelminakade werd  vaak Stoofkade of Goudkade genoemd.

Achterzijde

Linksboven

Deze foto toont de situatie van vóór 1960, waar de toegang vanaf de  Kanaaldijk naar het nieuwe Praathuis nu is.  Deze boerderij was van de familie Verbree, die daar een melkveebedrijf had. Vanaf de brug sloeg je rechtsaf het smalle pad op dat naar het oude Praathuis leidde. Rechts van de hoge bomen ligt nu het parkeerterrein van  het huidige Praathuis, je ziet nog net een deel van de plas.

Rechtsboven

Hier het oude Praathuis uit hout opgetrokken en liggend halverwege het pad tussen de Kanaaldijk en de Koningin Wilhelminakade.

Na Leen Bosloper kwam Barend Rozendaal met echtgenote tijdens de Tweede Wereldoorlog hier te wonen. Rozendaal was beroepsvisser maar verhuurde roeibootjes aan een groeiend leger van sportvissers die uit alle windstreken maar al te graag naar het Weegje kwamen om er te vissen.

Achter het woongedeelte was een schuur tot kantine omgebouwd waar de verkleumde vissers soep en andere versnaperingen konden nuttigen. Naarmate de flessen leger raakten werden de vangsten groter en de gevangen vissen groeiden tot buitenaardse afmetingen. Da’s nou visserslatijn.

Het Praathuis kwam leeg te staan toen Rozendaal op leeftijd verkaste naar Gouda en in januari 1980  ging het zo vertrouwde en karakteristieke Praathuis in vlammen  op.

Linksonder

De Zuidkade werd vanaf de afslag naar de Zuidelijke Rondweg  n.a.v. de inhuldiging van Koningin Wilhelmina in 1898 omgedoopt  tot Koningin Wllhelminakade en omdat het een nogal afgelegen plek was werd het in de volksmond veelal aangeduid als “Kouwe Hoek”.

Deze foto is genomen vanaf de brug van het oude Praathuis richting Koningin Wilhelminakade,  ter plaatse van de verffabriek van Boonstoppel.  Links van die fabriek is tegenwoordig  het woonwijkje Broekhuizen, een vernoeming naar de toenmalige gemeente  Broek c.a. die later (1870) met de gemeenten Noord- en Zuid-Waddinxveen tot de  huidige gemeente Waddinxveen is samengevoegd.

Rechtsonder

We zien op deze luchtfoto (omstreeks 1970) de Lak- en Vernisfabriek van Wed. Boonstoppel  en Zn. Deze fabriek maakte  hier de nu nog steeds beroemde standgroenverf die voor historische panden  erg geliefd is, de Tokionlakken  en Tokoleum. Het bedrijf is in de jaren negentig overgenomen en de productie is naar elders verplaatst. De gebouwen staan er nog en wachten op een nieuwe bestemming. Dwars over het midden van de foto loopt de Koningin Wilhelminakade en tussen de bomen zien we de boerderij van de familie Bunnik die er een melkveebedrijfje had. Het vee liep op de percelen langs de plas. Later bewoonde de familie De Mik het voorhuis met twaalf  kinderen en in het achterhuis  woonde de familie Kijk in de Vecht  met vijf kinderen.

Op deze locatie is nu de noordoostelijke ingang van het Weegje; de boerderij is afgebroken in 1973 maar de naastgelegen varkensschuur staat er nog en is in gebruik bij de Groenalliantie Zuid-Holland.


Cultuurhistorie van de Parel aan de Gouwe