Historisch Genootschap Waddinxveen

Vertelbank 2: Esdoornlaan/Kerkweg

De realisatie van de vertelbank op deze plaats is mede mogelijk gemaakt door een royale bijdrage van de Stichting H. Verheulfonds Waddinxveen.

paneel voorzijde

Linksboven

Het witte gebouw links was de oude pastorie van de toenmalige Nederlandse Hervormde kerk. In 1838 kwam er een nieuw kerkgebouw bij de brug. De pastorie bleef tot 1925 in gebruik en werd daarna  een wooncomplex van vijf woningen. Ze is in 1976 gesloopt.

Het pand waar de auto staat, was van Gerrit Buitelaar van de gelijknamige autobusonderneming. Menig scholier is met de bus van Buitelaar met Koos Romeyn of Jaap Bikker als chauffeur – voor toen drie zinken dubbeltjes – op schoolreisje gegaan. Reisdoel: De Efteling, Bedriegertjes, Ouwehand of Westerbouwing.

Het volgende huis (met puntdak) was van Willem Buitelaar met daarnaast, net nog te zien, het pand van Arie Jongejan, de schoenmaker en later het Pijke.

Dan het pand achter de persoon op het trottoir. Dit was ooit van meester C.C. Regt, hoofd van de naastgelegen school die in 1930 meer naar achter werd gebouwd als Jan Ligthartschool. Het werd vervolgens bloemenzaak Van Pruisen en later even politiebureau. Nu is het weer woonhuis.

Het pand met plat dak was toonzaal en garage van meubelfabriek Modderkolk en Dijs, de fabriek stond op wat nu de Heuvelhof is.

 

Rechtsboven

Geheel links het woonhuis (nr. 46), gebouwd door Frederik Jan Modderkolk en later bewoond door diens schoonzoon C.P. Broer. Daarnaast  woonde M. Modderkolk, en in de lage huisjes o.a. de families Van Vliet, Haagsman en Ooms (de kuiper), IJska en Heyboer. Uiterst rechts nog een glimp van het huis waar I. Zweere, de kolenhandelaar, woonde en ook de Koninkrijkszaal van de Jehovagetuigen nog eens gevestigd was. Nu staat de apotheek er.

Linksonder

Rechts de huizen tegen de Petteplas,  door de Woningbouwvereniging in 1912 gebouwd en omstreeks 1969 weer gesloopt. Er waren in die tijd plannen het nieuwe gemeentehuis langs de Esdoornlaan te bouwen met zicht op de plas.

De noordkant van de Kerkweg was een aaneengesloten lint van huizen die slechts via drie smalle bruggetjes  bereikt konden worden. Voor de huizen liep een koolaspad, hier en daar was een poort om achterom te kunnen komen en een achtertuin op het dijktalud met uitzicht tot Boskoop. Die achtertuin was meestal met hokken en schuurtjes volgebouwd voor konijnen, varken of geit.

Aan de sloot veelal een stoep om water te halen of te spoelen. Als er door de sloot een boot kwam, moesten de bruggen om. Met een stok draaide men de brug dan weer terug in positie.

Rechtsonder

De Petteplas is door vervening ontstaan en liep ooit van de Esdoornlaan tot aan de Kanaalstraat. Bij de aanleg van de spoorlijn is het deel ten oosten van het huidige station (aan de Gouwekant dus) gedempt. Hier was IJsclub  Nooitgedacht in strenge winters actief met het uitzetten van de banen. In het met touwen afgezette middendeel werden dan kortebaanwedstrijden verreden. Dat ging op Friese doorlopers die met banden onder je schoenen zaten gebonden. Je streed om de eer maar de prijzen logen er ook niet om: een stuk spek, een wittebrood en een tarwebrood voor de beste drie.

Buitenom hadden de vrije rijders ruim baan en er werd veelvuldig om bootjes paarsgewijs gezwierd. Uit de luidsprekers galmden de toenmalige schlagers. Er hing altijd een heel gezellige sfeer – voor de jeugd een opgelegde kans om verkering te krijgen…

 


Cultuurhistorie van de Parel aan de Gouwe