Historisch Genootschap Waddinxveen

Vertelbank 11: Coenecoop (direct over de brug tegenover de Apollolaan, links beneden op het dijkje)

Voorzijde

Linksboven

                           De Rooij B.V., Groothandel in levensmiddelen

In het jaar 1919 werd aan de Henegouwerweg te Waddinxveen het bedrijf H.J. & M. de Rooij opgericht. De activiteiten bestonden in het ompakken van margarine tot kleinere eenheden voor de consumentenmarkt. Dat was in die periode een noviteit want margarine werd gewoonlijk slechts als grootverpakking in kisten afgeleverd  en voor particuliere afnemers door de kruidenier naar behoefte uitgepond.

Het zijn de broers Henk en Maarten de Rooij die beginnen met kleinverpakkingen voor huishoudelijk gebruik en daarmee een stap voorwaarts maken op de weg naar meer efficiency en hygiëne. In 1951 worden de  activiteiten overgenomen door de zoon van Maarten, Maarten Cornelis, en zijn zwager. Deze twee breiden het assortiment verder uit door toevoeging van allerlei zoetwaren. Daar blijft het niet bij want het aantal producten wordt opnieuw verbreed door de toevoeging van allerlei levensmiddelen  en even later weer met een hele reeks koffie- en theesoorten. Het verpakken van margarine wordt van lieverlede beëindigd en de focus komt meer en meer te liggen op speciaalproducten uit binnen- en buitenland.

In 1991 gaat het bedrijf over in handen van de derde generatie, de broers Maarten en Kees de Rooij en worden de activiteiten gesplitst in zelfstandige eenheden. Zo specialiseert Kees zich in de bedrijfs- en kantineservice en gaat Maarten zelfstandig verder in de groothandel in levensmiddelen.

Op 10 februari 1994 wordt aan Coenecoop 385 de eerste paal geslagen voor een nieuwe vestiging van “De Rooij  B.V. Groothandel in Levensmiddelen”. Dat gebeurt door Maarten – de tweede generatie – en diens kleinzoon Maarten. Diezelfde dag wordt het 75-jarig jubileum van het bedrijf uitbundig gevierd  en aan het eind van dat jaar verhuist het van de Henegouwerweg, waar het qua logistiek met toenemende beperkingen kreeg te kampen, naar het nieuwe pand aan Coenecoop.

Het bedrijf wordt thans geleid door de vierde generatie, weer een Maarten, en heeft eind 2019 op gepaste wijze met personeel en relaties stil gestaan bij het 100-jarig bestaan.

Rechtsboven

Banketbakkerij De Vlaam

In het jaar 1937 betrekt B. Booy het pand Oranjelaan 34 van zijn schoonvader, K. Glasbeek. Die had daar een taxi- annex garage- en rijwielbedrijf.

Bou, zoals hij genoemd werd, was opgeleid tot banketbakker bij Joh. Verwey te Gouda. Hij verbouwde de zaak tot banketbakkerij met winkel en ging erboven wonen. Hij had een goede leerschool gehad en al spoedig stond Booy bekend door de hoge kwaliteit van zijn producten en gaf hij blijk van zijn ambities door naast de banketbakkerij ook een kokerij voor feesten en partijen te beginnen. Al snel was hij een gewilde leverancier voor fijn gebak, bonbons en koeksoorten en door tal van prominente dorpsgenoten werd hij gevraagd  met zijn kokerij een diner te verzorgen bij bruiloften of jubilea. Zijn klantenkring betrof niet slechts dorpsgenoten, ook inwoners uit Zevenhuizen, Boskoop en Moerkapelle wisten Booy te vinden. In 1952 deed hij de zaak over aan Dik en Judith de Vlaam om daarna een speciale stroopwafelbakkerij aan de Zuidkade te beginnen. De Vlaam ging onder de naam van de nieuwe eigenaar verder met het zelfde kwaliteitsniveau als Booy en zo bleef de afnemerskring verzekerd van de fijne smaakbeleving en hoge kwaliteit, beslist geen sinecure! Als je  de lat hoog legt, zijn coaching en opleiding van personeel een absolute voorwaarde. Daarnaast betekent het: geen concessies doen aan de kwaliteit van de grondstoffen.

In 1987 neemt J. Anker het bedrijf van Dik de Vlaam over, maar de naam De Vlaam wordt gehandhaafd. In1995 breidt Jan Anker uit met  drie winkels in Gouda en wordt de bakkerij verplaatst naar Gouda. In Waddinxveen heeft het bedrijf dan twee winkels en ook in Boskoop is de Vlaam present. Maar het bedrijf blijft groeien. In 2011 is de bakkerij van De Vlaam  door een actief beleid uit zijn jasje gegroeid en wordt de productie van gebak, banket en koek verplaatst naar een moderne banketbakkerij in Coenecoop. En als het nieuwe winkelcentrum van Waddinxveen is opgeleverd, betrekt De Vlaam ook hier een verkooppunt, aan het Gouweplein.

De expansie gaat door en zo begint  Anker in Gouda de Kamphuisen Siroopwafelfabriek waar de bekende Kamphuisen siroopwafels gebakken worden. Toeristen en dagjesmensen kunnen er een kijkje in de fabriek nemen.

In 2019 treedt de nieuwe generatie Anker aan bij banketbakkerij De Vlaam, het bedrijf heeeft dan 65 medewerkers in dienst.

Linksonder

Spijsfabriek C.P. Broer

Cornelis Peter Broer wordt in 1877 aan de Zuidkade te Waddinxveen geboren als derde zoon van bakker Klaas Broer. In december 1905 trouwt hij met een dochter van meubelfabrikant F.J.Modderkolk. Het jonge paar vertrekt direct na de jaarwisseling naar Maassluis, alwaar het een bakkerij heeft gekocht. Zo treedt C.P. Broer als bakker  in de voetsporen van zijn vader.

Het is hard en lang werken als bakker. ’s Morgens vroeg brood bakken, daarna uitventen en ’s middags na een korte pauze koek en  banket bakken. Voor dat laatste produceerde in die tijd elke bakker zelf zijn ingrediënten als spijs en marsepein.  Sommige spijssoorten dienden voor vulling in gevulde koeken en rondo’s, andere voor banketkoekjes als weesper moppen en bitterkoekjes. Marsepein had men nodig voor gebak en taartversiering.

Als Cor in 1917 een keer een calculatie maakt voor wit- en bruinbrood, ontdekt hij dat er geen droog brood met brood valt te verdienen. Hij beschikt over goede receptuur en maakt hij meer spijs dan voor eigen gebruik nodig is. Die verkoopt hij aan zijn collega’s in het Westland. Door zijn grotere aanpak blijkt dit een beter verdienmodel dan het brood. Dus verkoopt Cor in 1919 zijn bakkerij en keert terug naar zijn geboorteplaats. Daar begint hij in januari 1920 aan de Noordkade in een  bescheiden fabriekje spijssoorten te fabriceren. Hij spreekt de bakkerstaal, maakt kennelijk kwaliteitsproducten en weet daardoor zijn spijs gemakkelijk te slijten. Het jonge bedrijf maakt een een groeispurt door.

Als in 1923  de aan de Kerkweg gevestigde stoelenfabriek Exelsior van Radder te koop, staat koopt Cor dit karakteristieke pand en verbouwt het tot een geschikte productieruimte.  De omzet stijgt en Broer wordt een begrip in de Nederlandse bakkerij.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog komt het bedrijf van lieverlede stil te liggen omdat de aanvoer van grondstoffen stagneert en suiker – het belangrijkste element in alle receptuur – niet voldoende te krijgen is.

Na de Bevrijding  komt het gewone leven beetje bij beetje weer op gang maar suiker en andere grondstoffen worden mondjesmaat en op toewijzing verdeeld. De bakkers leverden hun suikertoezegging in voor een bepaalde hoeveelheid spijs. Uit heel Europa kwamen aanvragen voor spijs, marsepein en fondant maar door bovenstaande oorzaken kon aanvankelijk niet geleverd worden.

Inmiddels is de tweede generatie aangetreden en op grond van de goede naam en kwaliteit van de producten is er een gezonde groei bij de binnenlandse ambachtelijke bakkerij. In het westen wordt met eigen vertegenwoordigers  gewerkt, in de rest van het land met een groot aantal grossiers. Als in de jaren zeventig de derde generatie aantreedt, gaat die zich meer  toeleggen op de afzet aan grote industrieën die gefocust zijn op het groeiende aantal supermarkten. Daarnaast wordt de productie van gebakpoeders opgeschaald omdat een verdere groei in spijs voor de binnenlandse markt bij een vrij groot marktaandeel een onrealistisch scenario is. In 1990 wordt een nieuwe gebakpoederlijn annex distributiecentrum in Coenecoop betrokken.

De economische eenwording in Europa biedt kansen voor export, maar die kansen onder eigen naam te ontwikkelen, dát is  een brug te ver. Door een  stabiele en hoge kwaliteit levert Broer Bakkerijgrondstoffen speciaal samengestelde producten  onder privaat label aan grote buitenlandse partijen. Zo ook aan een Unileverdochter in Duitsland en omdat Unilever zijn portfolio van margarines voor de bakkerij wil uitbreiden, komt in 1990 de overname en inlijving van Broer  tot stand. Met alle mondiale vestigingen moet dat nieuwe kansen gaan bieden. Binnen Unilever komt echter na enige jaren een reorganisatie op gang. Die moet het aantal merken en activiteiten gaan reduceren en laat slechts ruimte voor producten met flink hogere marges dan in de bakkersland gewoon is. Daarom worden alle bakkerijactiviteiten afgestoten en Broer gaat in andere handen over. In 1995 was de spijsfabriek al van de Kerkweg verhuisd naar een nieuwe en moderne fabriek op Coenecoop, naast het distributiecentrum. Daar gaat de poederfabriek  dan ook mixen voor de ijsfabricage maken en dat neemt een hoge vlucht. Spijs en ijs blijken goed te matchen door de verschillende seizoenspieken.

In 2018 gaat het bedrijf over in handen van de Orklagroep uit Zweden, die al eerder Sonneveld uit Papendrecht had overgenomen. Dat bedrijf is gespecialiseerd in producten voor de broodbereiding. Waar Broer specialist is op het gebied van banket, vormen beide bedrijven nu een sterke combinatie voor de levering aan de bakkerij. Ze werken samen onder de naam Sonneveld.

Rechtsonder

Van Leeuwen

Het verhaal van de Firma Van Leeuwen begint in 1932 op de boerderij Plashoeve aan de Plasweg 16 in Waddinxveen. De familie Van Leeuwen had een gemengd boerenbedrijf en bracht zelf producten naar de lokale veiling. Ze deed dit ook voor andere boeren. Na de oorlog waren de broers Jacob en Piet van Leeuwen er als eerste bij om kolen te verhandelen. Met boten werden de kolen aangevoerd  in de Rotterdamse haven, en per spoor aangevoerd naar Waddinxveen. Het bedrijf Van Leeuwen bloeide in de jaren vijftig op als brandstoffenleverancier: kolen voor de particulier maar ook voor de verwarming van bijv. kerken, scholen en bedrijven.

Kolenhandel was arbeidsintensief en zwaar werk. Alles werd in bulk aangevoerd en een groot deel van de afzet ging in zakken naar de afnemers. De inhoud was een mud, honderd liter. De jute zakken met een half mud kolen wogen ongeveer 35 kilo. Alles werd met de hand gelost en geladen. Wout den Boer, de pleegzoon van Jacob van Leeuwen, kwam in 1959 terug uit Canada en heeft zijn eerste jaren als kolenboer gewerkt.

In de jaren 60 kwam het aardgas. Van Leeuwen had zich inmiddels tot een respectabele handelaar in brandstoffen voor de tuinbouw en wegtransport ontwikkeld, maar de particuliere gebruiker was niet vergeten. Er werd met name in de buitengebieden veel huisbrandolie en petroleum geleverd voor allerlei doeleinden. Het hoogtepunt was de strenge winter van 1963, waar alle middelen ingezet werden om ook de tuinderijen van stookolie te voorzien. Maar zoals gezegd, het aardgas kwam. Het werd in die tijd nog beschouwd als een schone brandstof, het transport gebeurde via een leidingnet. Veel gebruikers keerden kolen, huisbrand- en stookolie de rug toe.

Daarmee kwam het florerende bedrijf begin jaren 70 voor een keuze te staan. Inmiddels was Jaap van Leeuwen, zoon van Piet ook in het bedrijf werkzaam. De brandstoffenhandel richtte zich voornamelijk op wegtransport en benzinestations. Het boerenbedrijf aan de Plasweg werd ook nog voortgezet op  kleine schaal. Maar het werd weer tijd voor verandering, Wout en Jaap wilden graag in de automobielen, dat was dé toekomst. Het werd het relatief nieuwe personenwagenmerk Toyota, en MAN diesel en Saviem bedrijfswagens. In november 1972 werden deze dealerschappen ook weer aan de Plasweg gestart. Een nieuwe “agrarische” bedrijfshal van duizend vierkante meter was het onderkomen. De klanten hadden de beide jonge ondernemers al, een grote kring van  particuliere en zakelijke afnemers. En zo transformeerde het bedrijf van Leeuwen naar een mobiliteitsbedrijf.

De bedrijven groeiden, in 1973 werd er een Toyota vestiging geopend in Gouda aan de Lange Tiendeweg. Na enkele jaren werd het oude Fiat Huiden pand aan de Blekerssingel betrokken. Er kwam een zelfbedieningstankstation aan de Plasweg, in de jaren 80 uitgebreid met een caravancentrum aan de Plasweg. Turbulente tijden ook, de oliecrisis van 1973, autoloze zondagen. De oliecrisis van 1979 leidt de economische terugval begin jaren 80 in. Echter worden de dealerschappen voor Toyota en MAN doorslaggevend voor het ontstaan van de huidige, nog steeds bestaande bedrijven. De groei en vraag naar mobiliteit, de uitbreiding van de gemeente Waddinxveen met de wijk Zuidplas waren aanleiding de bedrijven te verhuizen. Eerst werd in 1995 op initiatief van beide families de werkzaamheden gescheiden. Jaap van Leeuwen ging zelfstandig het MAN dealerschap en de brandstoffenhandel voortzetten, Wout den Boer verkocht zijn aandeel van het bedrijf, zijnde Toyota en de schade activiteiten aan zijn zoons Rob en Ewoud. In 1998 resp. 1999 verdwenen de bedrijven van de Plasweg naar de bedrijventerreinen Doelwijk resp. Coenecoop in Waddinxveen. Van Leeuwen Truckservice met vestigingen in Waddinxveen, Ridderkerk en Maasdijk wordt nu geleid door Pieter van Leeuwen, zoon van Jaap. Van Leeuwen Autocenter in Waddinxveen door Rob den Boer.

Achterzijde

 

Linksboven

Van Noort, een écht Waddinxveens bedrijf

Het transport- en verhuisbedrijf van Van Noort is opgericht op 14 maart 1931 door de gebroeders Hendrik en Albertus van Noort. Het was toen nog gevestigd aan het Noordeinde maar is inmiddels verhuisd naar de Coenecoop in Waddinxveen. In die tussenliggende jaren is er veel veranderd.

Oorspronkelijk werd er vee vervoerd, maar tijdens de oorlog moest Van Noort daar noodgedwongen mee ophouden. De vrachtwagen is toen verstopt onder het stro om zo invordering door de Duitsers te ontlopen. Dat was goed gezien door de broers, de auto bleef behouden en zo kon het bedrijf na de oorlog voortgezet worden.

In 1954 is het opgedeeld en gingen de broers beiden zelfstandig verder, Hendrik met het agrarische gedeelte, Albertus richtte zich op het transport van allerlei producten. Het bedrijf groeide mee met de Waddinxveense meubelindustrie en is inmiddels een toonaangevende logistieke dienstverlener in Nederland geworden.

In het jaar van het vijftigjarig bestaan, 1981, verhuisde men naar de Tuinbouwweg, op de plaats waar inmiddels de grote nieuwbouwwijk de Triangel is verrezen. Slechts tien jaar na de verhuizing naar de Tuinbouwweg is een nieuw pand gebouwd op het bedrijventerrein de Coenecoop. Van Noort was een van de eerste bedrijven die zich hier vestigden, in het gebied dat voorheen nog polder was. Het pand van ruim drieduizend m² wordt op 14 maart 1991 geopend tijdens het zestigjarig bestaan van het bedrijf. Albertus van Noort senior, de oprichter van Van Noort, heeft deze opening nog mogen meemaken, weliswaar niet meer in de hoedanigheid van directeur want de leiding van het bedrijf had hij overgedragen aan zijn vier zonen Huibert, Ben, Bert en Henry van Noort.

Al in 1997 groeide het bedrijf uit zijn jasje en werd er op een naastgelegen locatie een loods van alweer drieduizend m², een kantoor en een werkplaats voor eigen onderhoud gebouwd. Hier is het bedrijf anno 2020 nog steeds gevestigd. De derde generatie van dit familiebedrijf, Fred van Noort, staat nu aan het roer. Over een klein jaar viert hij met zijn inmiddels tachtig medewerkers het negentigjarig bestaan. Een mooie mijlpaal van een mooi familiebedrijf!

 

Rechtsboven

Van der Loo Yachtinteriors

Timmerman Cornelis van der Loo koopt op 30 december 1837 een huis met schuur op de hoek van de Jan Dorrekenskade en de Dorpstraat te Waddinxveen. Hoewel hij vermoedelijk direct in het nieuwe jaar, 1838 dus, een winkel en timmermansbedrijf is begonnen, lijkt de meest zekere datum van oprichting van zijn bedrijf 10 augustus 1844. Cornelis weet  zijn zaken in de aannemerij goed uit te breiden en schakelt midden negentiende eeuw over op fabrieksmatige productie van ronde stokken voor gereedschappen en latten; die laatste dienen voor de betengeling van muren, waardoor deze behangen kunnen worden.

Als Cornelis in 1870 overlijdt, erft zijn zoon Arie de timmermanswinkel en het aannemersbedrijf. Hij zet het niet alleen voort maar begint ook  met de productie van meubelen en wordt daarmee de eerste meubelmaker van ons dorp. Hoewel die productie hoofdzakelijk uit handwerk bestaat,  gaat het bedrijf zich meer specialiseren op de meubelfabricage en op 27 november 1899 wordt de Meubelfabriek A. van der Loo en Zonen opgericht.

De ontwikkelingen gaan snel: zo schakelt het bedrijf in 1926 over op machinale houtverwerking  en als in 1939 het bedrijf een naamloze vennootschap wordt, gaan Gerard van der Loo en Hendrik Olie de directie voeren.

Uit de wereld van scheepsbetimmering zijn de ogen van van Lent op het Kaageiland gericht op Van der Loo vanwege de hoge standaard en kwaliteit. Daarom dus mag Van der Loo de betimmering doen van het luxe motorjacht De Ventura. Dit gebeurt tot volle tevredenheid van Van Lent en daaruit komen steeds meer opdrachten voort. De relatie groeit ten slotte uit tot een overname van Van der Loo door Van Lent in november 1985.

Als van der Loo in 1994 het 150-jarig viert, wordt hieraan uitbundig aandacht besteed. Als volle dochter van Van Lent is Van der Loo Yachtinteriors inmiddels een bekende schakel in de maakindustrie voor de wereldwijde en zeer luxe jachtbouw.

 

Linksonder

Van Dijken glas

De meubelindustrie was in de twintigste eeuw een belangrijke werkgever en een prominent element in de ontwikkeling van Waddinxveen. Voor dressoirs, kasten en theemeubels waren glazen platen en spiegels belangrijke onderdelen en uit die behoefte begon Jacob van Dijken in 1933 een glasslijperij aan de Noordkade in de meubelfabriek van Matse.

Het snijden en slijpen van glas  en spiegels was een arbeidsintensief werk, want elke snijrand moest op een platte slijpschijf met zand en water van alle scherpte worden ontdaan. Bij elke slijptafel stond een slijper met het hulpje dat steeds fijn zand en water op de slijpschijf bracht. Het bedrijf groeide uit tot een onderneming met 45 medewerkers en had inmiddels een groter pand aan de Zuidkade betrokken.(zie foto). In de jaren vijftig draagt Jacob ( “Paatje Dijken” genoemd) de leiding aan zijn drie zoons over. Van deze gaat Dirk ten slotte alleen verder en die vervangt zo rond 1960 de slijpschijf door een bandslijpmachine die het werk veel efficiënter maakt. “Paatje” vindt dat maar als moderne onzin.

Als de meubelindustrie door harde concurrentie vanuit het buitenland ook in Waddinxveen op zijn retour is, schakelt Jaap, de zoon van Dirk, over op elementen voor de stand- en interieurbouw.

De kracht van Van Dijken ligt in de flexibiliteit om snel te kunnen anticiperen op elke vraag uit de markt. Dat blijkt in een markt waar leveringen meestal op grotere kwantums van een en hetzelfde berusten, kansen te bieden. U vraagt  en wij leveren, is het motto .

Na de verhuizing in 1989 naar een mooi pand in Coenecoop wordt het programma uitgebreid met de productie van speciaal- en hardglas waarvoor het bedrijf in Oosterhout over eigen faciliteiten beschikte. Na het overlijden van Jaap blijft hebben zijn echtgenote met twee kinderen het bedrijf voortgezet. Broer en zus Van Dijken  zijn dus de vierde generatie en  nadat zij het bedrijf in 2007 hebben overgenomen gaat Gert Jan zich sterk richten op specialiteiten. Hij voert nieuwe technieken in  zoals lamineren en glasbeprinting.

Gert Jan ontwikkelt het procedé van sublimatietechniek, dit is  het inbrengen van kleur in het glas , en daarmee heeft het bedrijf een unieke plaats in de internationale glasindustrie veroverd. Het bedrijf draagt derhalve de toepasselijke naam Van Dijken Glasbeleving BV.

 

Rechtsonder

Automobielbedrijf Boonstoppel

Arie Boonstoppel sr. leert het vak bij  A. van der Spek, die een autobedrijf heeft op De Cornick, een industrieterrein aan de Henegouwerweg te Waddinxveen. In 1951 neemt hij dat bedrijf over  en verhuist naar de Oranjelaan, waar hij achter de banketbakkerij van B. Booy twee garageboxen huurt van Klaas Glasbeek. Aan de weg plaatst hij een benzinepomp en hij houdt kantoor op de begane grond van het pand bij de pomp . Als hij in 1952 in het huwelijk treedt, betrekt hij de woning boven het kantoortje, van waar heeft hij zicht op een mooi bouwkavel aan de andere zijde van de weg.

Arie weet zowel bedrijven  als particulieren aan zich te binden en de zaken gaan zo goed, dat hij al omziet naar meer ruimte om te groeien. In 1956 koopt hij het terrein aan de overzijde en bouwt daar een, voor die tijd zeker, ruime en moderne garage met showroom en magazijn.

Door een prettig zakelijke  en servicegerichte instelling wordt het garagebedrijf een begrip in Waddinxveen. Het adagium is: De klant is koning,  want  tussen de geplande klussen is er altijd plaats en ruimte om gestrande autobezitters weer op weg te helpen.

Hoewel aanvankelijk van alle merken thuis wordt Boonstoppel in 1963 Peugotdealer  en gaat het crescendo met de zaken. Naast personenauto’s en bestelwagens levert Boonstoppel ook grote bedrijfswagen aan transporteurs en fabrieken in Waddinxveen en daarbuiten. Aan de Juliana van Stolberglaan wordt een modern pompstation gebouwd alsmede een ruime  showroom met kantoorfaciliteiten.

Arie Boonstoppel jr. komt in de zaak en begint ook met de dealerschappen van Mitsubishi en Ford, op de Noordkade. Geruime tijd heeft Boonstoppel onder de naam ARBO een Fordgarage en Boonstoppel jr. voor het dealerschap van Mitsubishi. Door de harde groei  neemt de behoefte aan oppervlakte toe en daarom worden in 1994 op het industrieterrein Coenecoop in korte tijd twee panden gebouwd. Het Peugeot dealerschap verhuist in 2014 door ruiling van panden naar de Zuidelijke Rondweg op het industrieterrein Coenecoop, en de merken Mitsubishi , Suzuki en Nissan worden bij het Shellstation aan de Oranjelaan/Juliana van Stolberglaan geconcentreerd. In 1990 is de bedrijfswagenafdeling afgesplitst en verplaatst naar nieuwe pand  geschikt voor bedrijfswagens op een nieuwe locatie te Coenecoop. Deze activiteit  wordt  als een zelfstandige eenheid onder de naam Boonstoppel Truck Service BV  – met een eigen directie – gecontinueerd.

 


Cultuurhistorie van de Parel aan de Gouwe